Brief voor pleegouders Parlan
home
      

Beste pleegouders,

We zitten als organisatie, als land, eigenlijk wel ‘als wereld’ in een situatie die we nooit eerder hebben meegemaakt. Dat maakt dat de zoektocht naar ‘hoe hier zo zorgvuldig mogelijk mee om te gaan’ ook voor iedereen nieuw is. Meer kennis en nieuwe gebeurtenissen vragen voortdurend om aanpassingen in ons handelen. Daarbij biedt voor ons land, en óók voor onze organisatie, het RIVM het belangrijkste houvast. Wij volgen dan ook zo goed mogelijk de richtlijnen van het RIVM, en we vragen van jullie om dat ook te doen.

Nu is zo’n RIVM-richtlijn natuurlijk nogal algemeen. De specifieke situatie van een pleegouder zul je er niet in terugvinden. Daarom sturen wij jullie dit bericht, onder andere als aanvulling op de landelijke richtlijnen.

Op de eerste plaats dit: zo’n onbekende ziekte brengt veel onzekerheid met zich mee, maar als Parlan vinden we: dat maakt onze opdracht niet anders. En die opdracht is om zo goed mogelijk te zorgen voor kinderen die in de knel zitten, en voor hun gezinnen. En nu het spannend is, zal die opdracht nog meer vragen van ons gezond verstand, van onze creativiteit, en van onze daadkracht, dan in gewone omstandigheden.

En voor de pleegzorg geldt dit natuurlijk ook zo! We hebben jullie hard nodig om deze ingewikkelde periode door te komen en jullie moeten daarbij kunnen rekenen op de steun van de pleegzorg- en gezinshuisbegeleiders en hun collega’s. En nu jullie de kinderen ook nog voortdurend thuis hebben, weten we dat er heel veel van jullie draagkracht wordt gevraagd. We zijn dan ook heel erg blij dat jullie er zijn. Als er problemen ontstaan doordat de kinderen nu veel meer thuis zijn: zoek contact! Wij onderzoeken dan wat we kunnen doen om te helpen. Waarbij we beseffen dat er niet altijd gemakkelijke oplossingen voorhanden zijn, maar waarbij we wél kunnen kijken welke creatieve ideeën uitgewisseld en ingezet kunnen worden.

In deze brief staan verder géén medische handreikingen! Daar is het RIVM en de GGD voor. De rest van deze brief gaat vooral over de communicatie tussen pleegouders, ouders en pleegzorgbegeleiders.

Voor ons allemaal gelden de algemene richtlijnen:

  • Veel handen wassen
  • Geen handen schudden
  • Hoesten en niezen in de elleboog
  • Papieren zakdoekjes gebruiken.
  • Afstand houden ( 1,5 meter)
  • Als je hoest en/of verkouden bent, blijf thuis. 
  • Als een gezinslid verkoudsheidklachten heeft èn koorts (38 graden of hoger), dan geldt dat het hele gezin thuis moet blijven.

Verder:

  • Voor iedereen geldt: Blijf zoveel mogelijk thuis. Ga alleen naar buiten voor noodzakelijke boodschappen, een frisse neus of de zorg voor een ander. Maar doe dit alleen en houd altijd 1,5 meter afstand en vermijd groepsvorming.
  • Binnen pleeggezinnen kunnen maximaal 3 personen op bezoek komen zolang er 1,5 meter ruimte aangehouden kan worden.
  • Jonge kinderen (jonger dan 12 jaar) mogen met elkaar buitenspelen. Maar dringend advies is wel om het aantal jonge kinderen dat samenspeelt te beperken.

Pleegzorg

Als pleegouder zijn de omstandigheden voor u, voor een deel, anders: u zorgt immers voor een pleegkind en of pleegkinderen, en doet dat sámen met de ouders van dat kind. Er zijn natuurlijk situaties, waarin ouders een hele kleine rol spelen in de directe zorg, en er zijn situaties (bijvoorbeeld de weekend-pleegzorg) waarin een kind voorál bij de eigen ouders woont. En de meeste situaties zitten hier ergens tussenin. Maar hoe dan ook: vrijwel altijd is er sprake van pleegouders én ouders, en dat vraagt extra aandacht voor de afspraken en de communicatie. Want omdat het zo’n onbekende en soms best spannende situatie is, kan hier en daar misschien de nervositeit oplopen, of kunnen mensen anders reageren dan dat ze normaal reageren.

Belangrijk is om vast te stellen dat er met 600 pleeggezinnen waarin ongeveer 650 pleegkinderen en hun ouders even zo vele unieke situaties zijn.

Maar met nuchter verstand, creativiteit en de nodige kalmte zijn bijna alle situaties op te lossen. En bedenk: dit virus is heel mild voor kinderen. Natuurlijk zijn we altijd voorzichtig en ook bezorgd als het om onze kinderen gaat, maar de stress die is ontstaan, heeft met name met de zorg om (kwetsbare) personen en zeker ook met opa’s en oma’s te maken.

Belangrijk basisuitgangspunt, als er in een pleeggezin wat aan de hand is: betrek de pleegzorgbegeleider en bekijk samen wat het beste gedaan kan worden. Dit geldt voor alle vormen, dus ook voor de contacten tussen ouders en hun kinderen. Daar komen we verder in deze brief nog op terug. Van daaruit zijn er globaal een viertal scenario’s denkbaar:

  • Bij pleegouders én bij ouders zijn er geen tekenen van dat er iemand ziek is
    De afspraken rondom het kind lopen gewoon door waarbij we ons houden aan de richtlijnen van het RIVM. Binnen pleeggezinnen kunnen maximaal 3 personen op bezoek komen zolang er 1,5 meter ruimte aangehouden kan worden.
  • In het pleeggezin of gezinshuis is er sprake van milde klachten of betreft het een kwetsbare groep. Het gezin volgt de richtlijnen van het RIVM en blijven thuis. De ouders en pleegzorgbegeleider? worden op de hoogte gebracht van de situatie in het pleeggezin.
    • Bij vrijwillige plaatsingen hebben ouders het recht om het kind naar het eigen gezin te halen, maar het is niet zo dat dat dan inhoudelijk ook de meest logische oplossing is. Pleegouders, ouders, en de pleegzorgbegeleider overleggen met elkaar wat wijsheid is, en komen samen tot een plan van aanpak. Als de meningen van pleeg- of gezinshuisouders en ouders onverenigbaar blijken te zijn, roep dan de hulp in van de pleegzorgbegeleider, die eventueel met extra ondersteuning, de situatie beschouwt en tóch tot een plan van aanpak kan komen. Lukt dat niet, dan wordt altijd ‘opgeschaald’.
    • Bij een OTS of een Voogdij-situatie wordt ook de (gezins)voogd geïnformeerd. Ook dan is de insteek: komen tot een gezamenlijk plan van aanpak. Maar als dat niet lukt heeft de
      (gezins)voogd een doorslaggevende rol. Waarbij de richtlijnen van het RIVM/de GGD altijd in acht moeten worden genomen.
  • In een pleeggezin is een besmetting geconstateerd
    Informeer zo spoedig mogelijk de begeleidende pleegzorgbegeleider. Deze informeert ook het calamiteitenteam Corona van Parlan. Samen met de begeleider wordt beleid gemaakt. Ouders en (gezins)voogden worden altijd geïnformeerd.
    • Ook nu is het zo dat bij vrijwillige plaatsingen ouders het recht hebben om het kind naar het eigen gezin te halen. Maar in geval van een besmetting in een pleeggezin of gezinshuis, is verplaatsing van een kind wellicht ook een verplaatsing van het virus. Daarom is het van groot belang met de betrokken medicus (die altijd in beeld zal zijn bij een geconstateerde besmetting) af te stemmen. Op basis van de medische informatie komen pleegouders, ouders, en de betrokken werker tot een plan van aanpak. Als de meningen onverenigbaar blijken te zijn, roept de pleegzorgbegeleider extra ondersteuning in door ‘op te schalen’ naar de leidinggevende. Daarbij zullen wij altijd de positie innemen: de richtlijnen van de GGD zijn leidend.
    • Bij een OTS of een Voogdij-situatie wordt ook altijd de (gezins)voogd geïnformeerd. Ook nu is de insteek: komen tot een gezamenlijk plan van aanpak. Maar als dat niet lukt, is het opnieuw zo: de GGD-instructies zijn leidend, en we gaan er vanuit dat de gezinsvoogd er bij aansluit.
  • Bij de ouders van een kind is sprake van milde klachten. Het kan zijn dat de ouders hier de pleegzorgbegeleider zelf over hebben geïnformeerd, of dat het via de pleegouders is gelopen. In ieder geval is er snel dialoog nodig tussen ouders en pleegzorgbegeleider. Ouders wordt gewezen op het protocol van het RIVM, en met ouders wordt overlegd dat er gedurende in ieder geval de periode dat de milde klachten aanhouden, geen direct face to face contact is tussen kind en ouders. Maar telefonisch contact, Skype, video-bellen via Whatsapp of Face-time kan natuurlijk wel, en kan juist heel helpend zijn voor alle betrokkenen.
  • Bij de ouders van een kind is een besmetting geconstateerd
    Deze informatie moet zo snel mogelijk gedeeld worden met de pleegzorgbegeleider, die zorgt voor opschaling naar de leidinggevende. De ouders van het kind volgen de aanwijzingen die zijn afgestemd met de betrokken medicus/GGD. Insteek is dat gedurende de ziekteperiode geen direct face to face contact is tussen ouders en het betreffende kind, maar dat pleegouders het kind wel ondersteunen met andersoortig contact: telefoon, video-bellen via WhatsApp, Skype, Face-time.

Omgang tussen ouders en hun kinderen

Zoals jullie in de bovenstaande paragrafen hebben kunnen lezen: we vinden de omgang tussen ouders en hun kinderen net zo belangrijk als altijd. En de huidige situatie in het land, maakt dat belang zeker niet minder. Maar het is wel nodig om voorzichtigheid te betrachten! Het mooiste is als ouders en pleegouders samen kunnen afstemmen. Maar, daar waar dat niet lukt, en er gebruik gemaakt wordt van regelingen, waarbij de pleegzorgbegeleider een rol speelt, laten we die zoveel mogelijk doorgaan. Natuurlijk gaan we daarbij na of er sprake is van (lichte) klachten bij een van de betrokkenen. Als dat zo is, dan kunnen we een bezoek uitstellen, telefonisch laten verlopen, of iets regelen met video bellen. Op het moment dat dit tot spanning zou leiden: vraag de hulp van de pleegzorgbegeleider. Die bekijkt wat nodig is om een en ander in kalmer vaarwater te krijgen.

Bovenstaande informatie geeft u als pleegouder de komende tijd hopelijk voldoende ondersteuning om de juiste keuzes en afwegingen te maken evt. samen met de pleegzorgbegeleider. We zullen in allerlei situaties terecht komen, waar we nooit eerder mee hebben ‘geoefend’. Het is zaak om die situaties met een ‘koel hoofd’ en een ‘warm hart’ aan te pakken. Daar zal geregeld afstemming of overleg voor nodig zijn, en zoek die afstemming dan ook op, waar nodig. De pleegzorg- of gezinshuisbegeleider zal lang niet altijd direct een oplossing voor handen hebben, maar kan wel meedenken over de beste aanpak, en kijken welke bronnen er binnen de rest van de organisatie kunnen worden aangeboord om tot zo’n oplossing te komen.

We houden elkaar op de hoogte en we letten op elkaar!

Elsbeth Koek, directeur pleegzorg

 


Parlan
Van der Lijnstraat 9
1817 EH Alkmaar
T: 088 124 00 00
E: contact@parlan.nl




Transferium Jeugdzorg Stichting de Praktijk